Catalogus

DSC_8518DSC_8516DSC_8520DSC_8517DSC_8516DSC_8519

Er is een catalogus verkrijgbaar met een geselecteerd aantal werken van Ruben Stallinga. Deze catalogus is te verkrijgen via de kunstruimte “Novazero” of via de contact pagina van deze site. Geeft u dan op het formulier aan, dat u een catalogus wilt bestellen. De kosten zijn 10 euro.

Inleiding

Grote doorbraken in kunst en wetenschap ontstaan niet zelden wanneer men durft te vergeten wat eerdere generaties hebben gezien. Het waren zij die terug durfden keren naar de onbevangenheid van een kind. De Duitse 18e eeuwse lyricus Friedrich Hölderlin verzuchtte: Toen ik nog een kind was en van alles wat ons omringt niets wist, was ik toen niet meer dan nu, ondergedompeld in de kameleonskleur der mensen? En een van de grootste wiskundigen uit de vorige eeuw Alexander Grotendieck verwoordde het zo: De ontdekking is het privilege van het onbevangen kind, want het kent geen angst om iets fout te doen, om voor gek te staan, om niet serieus genomen te worden. Zo bezien benadert een geniaal persoon dichter de werkelijkheid met lege handen dan een erudiete hoogwerker met een rijke intellectuele bagage.
Hetgeen verklaart waarom het onmogelijk is een relevant kunstwerk te creëren door het in praktijk brengen van louter rationele begaafdheid. Ook het idee dat een relevant kunstwerk tot stand kan komen door een aantal door het verstand gedicteerde regels in acht te nemen, is alleen vergelijkbaar met het idee dat de mens technisch gesproken in staat is tot een maanlanding, verder zegt het niets. Want ieder werk van enige betekenis zou dan met de calculator in de hand, door elke willekeurige onderneming, al is het die met de minste artistieke feeling, geproduceerd kunnen worden. Er is duidelijk iets anders aan de hand: vitale instinctieve krachten -weliswaar voor hun uitdrukking afhankelijk van de hun gegunde vrijheid- stuwen de kunstenaar en vragen om ontlading.
Niet verwonderlijk dat in de hedendaagse kunsten de eigen stem bejubeld wordt als particuliere artistieke signatuur bij uitstek. Helaas komen we in het culturele rumoer van alledag, waarin schaamteloze mimesis de boventoon voert, weinig oorspronkelijkheid tegen. Een uitzondering hierop is de nog zeer jonge beeldend kunstenaar Ruben Stallinga. Onbevangenheid is op hem zeker van toepassing. Daardoor is zijn werkwijze net zo bijzonder als het resultaat van zijn artistieke inspanningen. Waar een regulier beeldend kunstenaar begint met niks (een leeg blad, een blanco doek, etc.) om van daaruit iets op te bouwen -of anders gezegd: van niets iets begint te maken- daar draait Stallinga deze logica om: zijn artistieke opbouw begint met concreet afbreken. Hij vlucht niet in de materie, maar eruit en baant zich trefzeker en vol passie een weg. Waarheen? Er is geen vooropgezet doel, geen plan, geen ontwerp waaraan hij zich vast wil houden, zelfs geen experiment.
Deze kunstenaar vangt zijn werk schijnbaar aan als een klassieke beeldhouwer die weet dat hij het beeld, dat verborgen zit in een grote klomp materie, kan bevrijden. Hij hakt zoveel steen weg totdat hij iets overhoudt: een materieel ding. Stallinga daarentegen laat de klomp nagenoeg intact en beroert de binnenkant totdat hij lege, intrinsieke vormen overhoudt en wel op zo’n manier dat de context waarin die leegte verschijnt opeens relevant wordt. Hij gumt a.h.w. in rigide constructietekeningen en ritmisch maakt hij van een strak gecomponeerde partituur een levendige jazz, vol improvisatie en inclusief dissonanten. Dat is de essentie van zijn kunst. Hij draait het artistieke scheppingsproces om; zijn kunst is inversie-kunst.
Deze werkwijze doet enigszins denken aan de negatieve ruimten in de latere sculpturen van Henry Moore: door uitholling van materie verkregen zijn objecten een immense zeggingskracht. Tegenover het massieve materiaal van Moore staat het subtiele rastermateriaal dat Stallinga gebruikt. Dat materiaal reduceert hij niet om tot expliciete negatieve ruimte te komen, ook is zijn werk geen deconstructie; integendeel zijn afbraak is in wezen opbouw, want hij heeft het door hem bewerkte materiaal hard nodig om zijn eigen universum te creëren.
Het werk van Ruben Stallinga verdient wat de beroemde kunsthistoricus Heinrich Wölffin een morfologische benadering noemde. In die morfologische benadering wordt de aandacht van de beschouwer verlegd van de kunstenaar naar het kunstwerk. Niet langer krijgt de vaak geromantiseerde levensgeschiedenis van de kunstenaar de volle aandacht, maar de focus is meteen gericht op het werk. Dat wordt hier in dit geval expliciet benadrukt door het feit dat deze zeer jonge kunstenaar autistisch is. Want niet ondanks, maar juist dánkzij deze beperking is hij in staat kunst te produceren die oorspronkelijk is: een zegen voor de contemporaine kunst.
Tot slot zal het mij niet verbazen wanneer deze authentieke beeldtaal van Ruben Stallinga, die zo moeilijk te plaatsen is in categorieën als zero, constructivisme, minimalisme of conceptualisme, een totaal eigen weg zal vinden in het overvolle domein van de hedendaagse kunst en dat zij daarbij -in de loop der tijd- de plaats krijgt toebedeeld die zij in de canon van de 21e eeuwse kunst verdient.

Jorrit van Bavel – collectioneur-